Dag lieve volgers!
Het is ondertussen al meer dan een maand geleden
dat ik nog iets heb gepost, 不好意思 (bù hǎoyìsi = Chinees
voor ‘ik schaam me’).
Verschillende factoren hebben hierin een belangrijke rol gespeeld:
Verschillende factoren hebben hierin een belangrijke rol gespeeld:
- Ik ben kort na mijn reisje naar de Guanshan Grasslands een week en een half ziek geweest.
- Het school eist héél veel aandacht op (lees: veel huiswerk maar ook veel voorbereidingswerk voor de lezingen).
- Vorige week had ik mijn 1e examens.
- En tussen al die zaken moet je nog eens proberen te ‘leven’.
Het probleem is dat alles samen niet zo evident
is om te combineren. Wij Westerlingen kennen slechts 24 uren per dag waar een
Chinees er dan weer 48 heeft per dag… M.a.w. Chinezen weten soms van geen
ophouden. Als Westerling is het niet altijd gemakkelijk om dat tempo bij te
houden, maar ik doe mijn best. Ondanks het klagen en zagen is het toch een hele
ervaring om in dat tempo mee te draaien.
Ons reisje naar de Guanshan Grasslands was leuk
maar zeer vermoeiend. Maar vooraleer we die graslanden gingen bezoeken, wilden
we eerst een tussenstop maken in 天水 (Tianshui) om daar de
Maiji-berg te bezichtigen. Op Maijimountain hebben ze grotten met
boeddhistische sculpturen en men had ons verteld dat het wel de moeite was om
dat te bezichtigen. Wij dus met de trein richting Tianshui. Wel moet gezegd
worden dat de trein nemen in China best wel een avontuur is (maar dat vind ik
in België eigenlijk ook). Wij hadden gelukkig tickets gekocht met zitplaatsen
want 8 uur rechtstaan in een Chinese trein, het is ook niet alles.
De Chinezen vonden ons natuurlijk een bezienswaardigheid op zich (6 Westerlingen samen, wat verwacht je…). De eeuwig starende blikken horen erbij maar het mag wel gezegd worden dat de Chinezen op de trein best wel vriendelijk waren. Op een bepaald moment komt er een meisje naast mij zitten en ze vroeg of ik met haar in het Engels wilde praten aangezien ze Engels studeert en niet altijd de kans krijgt om met een buitenlander te praten. Zo’n toestanden zijn héél normaal en stiekem vind ik dat wel leuk, ik ben nu eenmaal een sociaal beest en zeker tijdens een superlange (lees: saaie) treinrit.
Bij aankomst in Tianshui zochten we dan met z’n allen naar de bus die ons naar de berg ging brengen. Na een paar keer vragen het busje (jaja, busje) gevonden en aan die bus stonden er zeker al 80 Chinezen voor ons te wachten. Nadat we betaald hadden, was het gewoon nog wachten tot het aan ons was. En het mopje/raadseltje: ‘Hoeveel Chinezen krijg je op een bus?’ Awel, geloof mij, je krijgt véél Chinezen op een bus…
Dus, wij als sardientjes op weg naar de fameuze berg.
Toen we de voet van de berg bereikten, zagen we dat er veel verkeer was, maar uiteindelijk stonden we er niet echt bij stil want in China heb je veel Chinezen dus ook veel verkeer. Maar dan kwamen we halverwege de berg en stonden we vast in de file. En wat doen de Chinezen dan? Ja, laten we lekker met 6 auto’s naast elkaar rijden (er waren maar twee rijstroken én een afgrond) en dan staat alles nog meer muurvast. En ondertussen sta je daar dan als een sardientje in een blik op een bus vol met Chinezen. Zo hebben we zeker een uur gestaan en uiteindelijk waren we het allemaal zodanig beu dat we gevraagd hebben aan de chauffeur of we mochten uitstappen. Dus daar stonden we dan, halverwege een berg in de regen tussen al die auto’s.
Dan maar ontgoocheld en gefrustreerd een bus tegengehouden die terugkeerde naar het station. En onze frustraties zijn we dan maar gaan uitleven in de McDonalds door een vette hamburger te eten. Dus, geen berg en boeddhistische beelden gezien maar dan toch een lekkere hamburger gegeten. De dag was dan toch niet helemaal verloren…
Dus wij dan maar verzadigd terug de trein op, op weg naar Baoming om die graslanden te bezoeken. Terug een treinrit van ongeveer een 6-tal uur (gelukkig hadden we terug zitplaatsen) en bij aankomst in Baoming nog vlug een taxi ingesprongen om naar een busstation te rijden. Daar aangekomen de bus opgesprongen voor een 4-tal uur en dan nog een 2-tal uur in een auto. Die autorit was superspannend! Wij terug een berg op maar die weg was nog onder constructie (lees: geen vangrails aan de afgrond) én met haarspeldbochten én dan nog eens in de donker. Gewoonweg spannend!
Toen we aankwamen op de top van de berg was het daar al ijskoud en al vrij laat (22 uur). Vlug nog iets gegeten en dan bracht iemand van de hostel ons naar onze kamer en daar zijn we uitgeput in slaap gevallen. MAAR: het moet gezegd worden, dat bed was het beste, meest zachte bed waar ik tot nu toe in heb geslapen sedert ik in China ben!
De dag nadien zijn we redelijk vroeg opgestaan en het was zo koud! Mijn douchegel was zelfs bevroren… Na het ontbijt zijn we dan naar het dorpje gegaan want we wilden de graslanden te paard verkennen. Na wat onderhandelen kregen we elk ons paard en waren we op weg. Het was echt prachtig! De natuur was meer dan de moeite waard. Frisse lucht, een blauwe hemel (eindelijk eens geen smog!) en gras zo ver het oog kon reiken. Na het paardrijden nog wat gechillaxt (Emily’s woordje) en dan terug de auto in op weg naar het station om daar dan terug de trein te nemen naar huis.
We zijn maar twee dagen op pad geweest maar het waren twee héél vermoeiende dagen. De eerste dag was jammer genoeg een beetje een flop maar de tweede dag had alles goedgemaakt.
De Chinezen vonden ons natuurlijk een bezienswaardigheid op zich (6 Westerlingen samen, wat verwacht je…). De eeuwig starende blikken horen erbij maar het mag wel gezegd worden dat de Chinezen op de trein best wel vriendelijk waren. Op een bepaald moment komt er een meisje naast mij zitten en ze vroeg of ik met haar in het Engels wilde praten aangezien ze Engels studeert en niet altijd de kans krijgt om met een buitenlander te praten. Zo’n toestanden zijn héél normaal en stiekem vind ik dat wel leuk, ik ben nu eenmaal een sociaal beest en zeker tijdens een superlange (lees: saaie) treinrit.
Bij aankomst in Tianshui zochten we dan met z’n allen naar de bus die ons naar de berg ging brengen. Na een paar keer vragen het busje (jaja, busje) gevonden en aan die bus stonden er zeker al 80 Chinezen voor ons te wachten. Nadat we betaald hadden, was het gewoon nog wachten tot het aan ons was. En het mopje/raadseltje: ‘Hoeveel Chinezen krijg je op een bus?’ Awel, geloof mij, je krijgt véél Chinezen op een bus…
Dus, wij als sardientjes op weg naar de fameuze berg.
Toen we de voet van de berg bereikten, zagen we dat er veel verkeer was, maar uiteindelijk stonden we er niet echt bij stil want in China heb je veel Chinezen dus ook veel verkeer. Maar dan kwamen we halverwege de berg en stonden we vast in de file. En wat doen de Chinezen dan? Ja, laten we lekker met 6 auto’s naast elkaar rijden (er waren maar twee rijstroken én een afgrond) en dan staat alles nog meer muurvast. En ondertussen sta je daar dan als een sardientje in een blik op een bus vol met Chinezen. Zo hebben we zeker een uur gestaan en uiteindelijk waren we het allemaal zodanig beu dat we gevraagd hebben aan de chauffeur of we mochten uitstappen. Dus daar stonden we dan, halverwege een berg in de regen tussen al die auto’s.
Dan maar ontgoocheld en gefrustreerd een bus tegengehouden die terugkeerde naar het station. En onze frustraties zijn we dan maar gaan uitleven in de McDonalds door een vette hamburger te eten. Dus, geen berg en boeddhistische beelden gezien maar dan toch een lekkere hamburger gegeten. De dag was dan toch niet helemaal verloren…
Dus wij dan maar verzadigd terug de trein op, op weg naar Baoming om die graslanden te bezoeken. Terug een treinrit van ongeveer een 6-tal uur (gelukkig hadden we terug zitplaatsen) en bij aankomst in Baoming nog vlug een taxi ingesprongen om naar een busstation te rijden. Daar aangekomen de bus opgesprongen voor een 4-tal uur en dan nog een 2-tal uur in een auto. Die autorit was superspannend! Wij terug een berg op maar die weg was nog onder constructie (lees: geen vangrails aan de afgrond) én met haarspeldbochten én dan nog eens in de donker. Gewoonweg spannend!
Toen we aankwamen op de top van de berg was het daar al ijskoud en al vrij laat (22 uur). Vlug nog iets gegeten en dan bracht iemand van de hostel ons naar onze kamer en daar zijn we uitgeput in slaap gevallen. MAAR: het moet gezegd worden, dat bed was het beste, meest zachte bed waar ik tot nu toe in heb geslapen sedert ik in China ben!
De dag nadien zijn we redelijk vroeg opgestaan en het was zo koud! Mijn douchegel was zelfs bevroren… Na het ontbijt zijn we dan naar het dorpje gegaan want we wilden de graslanden te paard verkennen. Na wat onderhandelen kregen we elk ons paard en waren we op weg. Het was echt prachtig! De natuur was meer dan de moeite waard. Frisse lucht, een blauwe hemel (eindelijk eens geen smog!) en gras zo ver het oog kon reiken. Na het paardrijden nog wat gechillaxt (Emily’s woordje) en dan terug de auto in op weg naar het station om daar dan terug de trein te nemen naar huis.
We zijn maar twee dagen op pad geweest maar het waren twee héél vermoeiende dagen. De eerste dag was jammer genoeg een beetje een flop maar de tweede dag had alles goedgemaakt.
Oké, ik zal hier stoppen want het begint een
beetje lang te worden… Mijn tweede deel zal ik apart op mijn blog zetten. J
Tot de volgende post!
再见!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten